Direct naar de inhoud
Onderzoek en cijfers

Postcode versus premie: waarom uw woonplaats meetelt in de premie van uw autoverzekering

Twee mensen met dezelfde leeftijd, dezelfde auto en hetzelfde aantal schadevrije jaren betalen niet altijd dezelfde premie. Het adres waarop de auto staat ingeschreven, weegt mee. Dit onderzoek laat met openbare cijfers zien welke risico’s daarachter zitten, hoe groot het verschil tussen stad en platteland werkelijk is, en waar de grens ligt tussen risicogericht premie stellen en ongelijke behandeling.

In het kort

Uw postcode is voor een verzekeraar geen adres maar een verzameling schadekansen. In het gebied waar uw auto ’s nachts staat, wordt vaker of minder vaak ingebroken, gestolen en vernield, rijden meer of minder auto’s over hetzelfde asfalt, en valt vaker of minder vaak zware hagel. Verzekeraars vertalen die verschillen naar een regiofactor in hun tarief.

De verschillen zijn met openbare cijfers goed zichtbaar. In 2025 registreerde de politie 8.598 diefstallen van motorvoertuigen, 42.267 diefstallen uit of vanaf motorvoertuigen en 71.492 gevallen van vernieling of zaakbeschadiging. Omgerekend naar inwoners ligt het aantal diefstallen van motorvoertuigen in zeer sterk stedelijke gemeenten bijna vier keer zo hoog als in niet-stedelijke gemeenten; bij diefstal uit of vanaf de auto is het verschil bijna acht keer.

Hoeveel de postcode in euro’s scheelt, publiceert geen enkele verzekeraar. Wat wel openbaar is, is de Solidariteitsmonitor van het Verbond van Verzekeraars. Daarin liet MoneyView voor één en dezelfde bestuurder met één en dezelfde auto de WA-premie doorrekenen op 20.000 echte adressen bij 27 verzekeringen. De hoogste premie in dat bestand was in 2025 2,7 keer de laagste. In het bestand waarin de persoonskenmerken variëren, was die verhouding 25,0. Het adres telt dus mee, maar het gewicht van leeftijd en schadeverleden is een veelvoud daarvan.

De regio-indeling zelf is bedrijfsgevoelige informatie. Verzekeraars publiceren geen kaarten en geen tarieftabellen per postcode, en er is geen openbare bron die de indelingen van verschillende maatschappijen naast elkaar legt. Dat u bij de ene verzekeraar in een gunstiger gebied valt dan bij de andere, is daardoor alleen te merken door daadwerkelijk te vergelijken.

Of postcodedifferentiatie eerlijk is, is een vraag die niet alleen de verzekeringsbranche zichzelf stelt. Het College voor de Rechten van de Mens heeft zich er in een concreet geval over uitgesproken: premiedifferentiatie op basis van postcode leverde daar indirect onderscheid op, maar was objectief gerechtvaardigd omdat het doel legitiem was en het middel passend en noodzakelijk. Het Verbond van Verzekeraars waarschuwt in hetzelfde verband dat een postcode geen neutraal gegeven is en dat postcodebeleid altijd langs de meetlat van gelijke behandeling moet.

Waarom uw postcode op het aanvraagformulier staat

Wanneer u een autoverzekering aanvraagt, vraagt vrijwel iedere verzekeraar naar het adres waar de auto staat ingeschreven. Dat is geen administratieve formaliteit. Het adres is, naast uw leeftijd, uw schadeverleden en het voertuig zelf, een van de gegevens waarmee de verzekeraar een inschatting maakt van de kans dat hij binnen een jaar een schade van u moet betalen.

Dat werkt zo omdat een verzekering geen prijs heeft die vooraf vaststaat. Een verzekeraar verkoopt een belofte en weet pas achteraf wat die belofte heeft gekost. Om vooraf een premie te kunnen vragen die de schades van de hele groep dekt, kijkt hij naar wat er in het verleden is gebeurd bij mensen die op de gemeten kenmerken op u lijken. Woont u in een gebied waar in de afgelopen jaren aantoonbaar meer schades uit zijn gekomen, dan valt u in een duurdere groep. Niet omdat u persoonlijk iets verkeerd doet, maar omdat de auto op die plek statistisch gezien vaker geraakt wordt.

Het is nuttig om te weten dat het adres in twee verschillende rollen meetelt. Bij de aansprakelijkheidsdekking gaat het vooral om de kans dat u schade aan een ander toebrengt: verkeersdrukte, het aantal manoeuvres per kilometer, het aantal kwetsbare verkeersdeelnemers om u heen. Bij de cascodekking gaat het vooral om de kans dat uw eigen auto iets overkomt zonder dat er een andere weggebruiker aan te pas komt: diefstal, inbraak, vernieling, hagel, een omvallende tak, water in de straat. Die twee risico’s hebben niet dezelfde landkaart. Een gebied kan rustig zijn in het verkeer en tegelijk gevoelig voor voertuigcriminaliteit, of andersom.

Uw postcode zegt niets over u als bestuurder, en alles over wat er in uw straat gebeurt terwijl u slaapt.

Welke risico’s er achter een regiofactor zitten

Een regiofactor is een verzamelnaam. Er zitten verschillende, deels los van elkaar staande risico’s in, en het gewicht per risico verschilt per dekking en per verzekeraar.

Voertuigcriminaliteit

Diefstal van de hele auto, diefstal uit of vanaf de auto en vernieling zijn de drie schadesoorten die het sterkst aan een plek gebonden zijn. Ze gebeuren bijna altijd terwijl de auto stilstaat, meestal in de directe omgeving van de woning, en ze concentreren zich in gebieden waar veel voertuigen dicht op elkaar en zonder toezicht staan. In het volgende hoofdstuk staan de cijfers.

Schadefrequentie in het verkeer

Hoe meer voertuigen per kilometer weg, hoe meer momenten waarop twee weggebruikers elkaar kunnen raken. In stedelijk gebied staan bovendien meer auto’s langs de rijbaan geparkeerd, wordt vaker gekeerd en ingevoegd, en zijn er meer fietsers en voetgangers. Dat leidt tot veel kleine aanrijdingen met relatief lage bedragen, maar in grote aantallen. Buiten de stad gebeurt het omgekeerde: minder botsingen per gereden kilometer, maar bij hogere snelheden en dus met zwaardere gevolgen wanneer het misgaat.

Parkeersituatie

Waar de auto ’s nachts staat, bepaalt hoe makkelijk iemand erbij kan en hoe zichtbaar hij daarbij is. Een auto op een afgesloten binnenterrein of in een garage is voor zowel diefstal als vernieling als hagel een ander risico dan dezelfde auto aan de openbare weg. Dit is in de kern een straatkenmerk, en juist daarom laat het zich deels vangen in een postcode: in een wijk met veel rijtjeswoningen met oprit is het gemiddelde beeld anders dan in een negentiende-eeuwse stadswijk zonder eigen parkeergelegenheid.

Weer en water

Zware hagel, wateroverlast na een piekbui en stormschade zijn niet gelijk over Nederland verdeeld. Ze raken vooral de cascodekking en kunnen in één dag een heel jaar aan verwachte schade opleveren. Ook hierover verderop cijfers.

Herstel- en sleepkosten

Wat een schade kost, hangt mede af van waar hij wordt hersteld en hoe ver een auto moet worden gesleept. Over regionale verschillen in herstelkosten in Nederland hebben wij geen openbare, controleerbare bron gevonden; wij noemen deze factor daarom wel, maar zonder getal.

Stad tegenover platteland: wat de cijfers laten zien

De politie publiceert via CBS StatLine per gemeente hoeveel misdrijven er per soort zijn geregistreerd. Het CBS deelt gemeenten daarnaast in vijf klassen van stedelijkheid in, op basis van de omgevingsadressendichtheid: van klasse 1, zeer sterk stedelijk, tot en met klasse 5, niet stedelijk. Door die twee bestanden te combineren en te delen door het inwonertal, ontstaat het volgende beeld over het jaar 2025.

StedelijkheidGemeentenDiefstal van motorvoertuigenDiefstal uit/vanaf motorvoertuigenVernieling en zaakbeschadigingAlle misdrijven
1 – zeer sterk stedelijk230,784,835,3168,5
2 – sterk stedelijk730,482,054,3446,6
3 – matig stedelijk780,341,343,1634,0
4 – weinig stedelijk1220,270,962,8227,7
5 – niet stedelijk460,210,632,4523,0
Nederland3420,482,343,9644,8
Geregistreerde misdrijven per 1.000 inwoners, 2025. Eigen berekening op basis van Politie/CBS StatLine tabel 47013NED (geregistreerde misdrijven per gemeente), CBS StatLine tabel 86059NED (Gebieden in Nederland 2025, stedelijkheidsklasse) en CBS StatLine tabel 70072ned (bevolking op 1 januari 2025). Geraadpleegd op 26 juli 2026.

De richting is bij alle vier de reeksen dezelfde, maar de steilheid verschilt sterk. Het totale aantal geregistreerde misdrijven per inwoner ligt in de meest stedelijke gemeenten ongeveer drie keer zo hoog als in de minst stedelijke. Bij vernieling is de verhouding kleiner, ruim twee keer. Bij diefstal van motorvoertuigen is het bijna vier keer. En bij diefstal uit of vanaf motorvoertuigen — de inbraak in de auto, de gestolen katalysator, het meegenomen laadsnoer — is het bijna acht keer.

Dat laatste getal verklaart waarom een cascodekking in de stad zwaarder in de premie doorwerkt dan een WA-dekking. Inbraak in een auto is een schade die zich vrijwel volledig binnen de cascodekking afspeelt en die zich in dichtbebouwd gebied opstapelt.

De verschillen tussen provincies

Dezelfde bewerking op provincieniveau laat zien dat de landkaart van voertuigcriminaliteit niet samenvalt met de landkaart van stedelijkheid. Limburg is niet de meest verstedelijkte provincie, maar heeft wel het hoogste aantal geregistreerde diefstallen van motorvoertuigen per inwoner. Utrecht springt er juist uit bij diefstal uit of vanaf de auto.

ProvincieDiefstal van motorvoertuigenDiefstal uit/vanaf motorvoertuigenVernieling en zaakbeschadigingAlle misdrijven
Limburg1,072,134,0545,3
Noord-Holland0,623,474,5655,1
Zuid-Holland0,582,744,2850,4
Noord-Brabant0,502,123,8744,1
Flevoland0,441,523,5237,1
Utrecht0,384,823,4945,2
Gelderland0,301,483,4535,8
Groningen0,240,854,2743,2
Drenthe0,170,723,5829,9
Overijssel0,160,783,3537,7
Zeeland0,150,854,0136,9
Fryslân0,100,603,6931,6
Nederland0,482,343,9644,8
Geregistreerde misdrijven per 1.000 inwoners, 2025, gesorteerd op diefstal van motorvoertuigen. Eigen berekening op basis van Politie/CBS StatLine tabel 47013NED en CBS StatLine tabel 70072ned (bevolking op 1 januari 2025). Geraadpleegd op 26 juli 2026.

Tussen Limburg en Fryslân zit bij diefstal van motorvoertuigen een factor tien. Dat is een groter verschil dan tussen de meest en de minst verstedelijkte gemeenteklasse, en het laat zien dat ligging — in dit geval de nabijheid van de grens en van doorvoerroutes — een eigen rol speelt naast bebouwingsdichtheid.

Op gemeenteniveau lopen de verschillen verder uiteen. Van de gemeenten met ten minste 40.000 inwoners staan in 2025 Heerlen (2,14 diefstallen van motorvoertuigen per 1.000 inwoners), Kerkrade (1,69), Sittard-Geleen (1,39), Maastricht (1,19), Rijswijk (1,17) en Amsterdam (1,10) bovenaan. Onderaan staan Noardeast-Fryslân (0,04), Westerkwartier (0,06), Waadhoeke (0,06) en Het Hogeland (0,08). Tussen de hoogste en de laagste gemeente in die groep zit een factor vijftig. In Amsterdam alleen registreerde de politie in 2025 1.026 diefstallen van motorvoertuigen; in de stad Utrecht lag het aantal diefstallen uit of vanaf motorvoertuigen op 10,64 per 1.000 inwoners, het hoogste cijfer van de grote steden.

Politie, Geregistreerde misdrijven en aangiften; soort misdrijf, gemeente, tabel 47013NED via CBS StatLine (dataderden), jaarcijfers 2025.

Diefstal: het scherpste regionale verschil

Naast de politiecijfers houdt de verzekeringsbranche zelf een telling bij. Het Verbond van Verzekeraars maakte in januari 2026 bekend dat er in 2025 7.497 personenvoertuigen werden gestolen. De schadelast daarvan kwam uit op 127 miljoen euro, 38 procent meer dan het jaar daarvoor. Van de lichte bedrijfsauto’s werden er 2.055 gestolen, 6 procent meer dan in 2024, met 26 miljoen euro schade. Bij motorfietsen ging het om 1.866 diefstallen, 7 procent minder dan in 2024, met 12 miljoen euro schade. Van de gestolen personenvoertuigen en lichte bedrijfsauto’s wordt ongeveer 55 procent teruggevonden; in 2025 werden 913 voertuigen in het buitenland aangetroffen.

Dat aantal van 7.497 is lager dan de 8.598 diefstallen van motorvoertuigen die de politie over hetzelfde jaar registreerde. Dat is geen tegenspraak: de politiecijfers omvatten alle motorvoertuigen, dus ook bedrijfsvoertuigen en motorfietsen, en tellen registraties, terwijl de branchecijfers uitgaan van verzekerde voertuigen en van de door verzekeraars gedragen schadelast. Gebruik de twee reeksen dus niet door elkaar.

Voor uw premie is vooral de combinatie van beide relevant. Een verzekeraar kijkt niet alleen naar hoe vaak er in een gebied gestolen wordt, maar ook naar wat die diefstallen kosten en hoeveel voertuigen worden teruggevonden. Een gebied met veel diefstallen van oude auto’s die snel terugkomen, is een ander risico dan een gebied met weinig maar zeer dure diefstallen zonder terugvinding.

Hagel, water en storm: het weer is ook een regiofactor

Bij cascoschade telt niet alleen wat mensen doen, maar ook wat de lucht doet. Voor Nederland is zware hagel daarbij het duidelijkst regionaal bepaald. In een onderzoek naar hagelrisico’s dat het Verbond van Verzekeraars in 2020 presenteerde — uitgevoerd door onderzoeker Hans de Moel van de Vrije Universiteit samen met onder meer het KNMI en Achmea — is de kans op hagelschade per provincie in kaart gebracht. Die kans is het grootst in Limburg, met ruim zestien procent, en het kleinst in Friesland, met ongeveer drie procent. De kans op hagelstenen van minstens twee centimeter is in Limburg ongeveer vier tot vijf keer zo groot als in Noord-Holland. De onderzoekers vonden een duidelijke gradiënt: de kans is het kleinst in het noordwesten van het land en neemt toe naar het oosten en zuidoosten.

Wat zo’n risico kan betekenen, bleek op 23 juni 2016. Na één hagelbui in Zuidoost-Nederland kwamen er op één dag honderdduizend schademeldingen binnen en bedroeg de verzekerde schade zeshonderd miljoen euro. Dezelfde onderzoekers stelden vast dat er gemiddeld eens in de tien jaar ergens in Nederland hagelstenen van zeven centimeter of groter vallen, oftewel tien procent kans per jaar.

Verbond van Verzekeraars, „Hagelschade en klimaatverandering (1)”, 25 juni 2020, over het onderzoek Hagelrisico’s in Nederland.

Over wateroverlast en stormschade aan personenauto’s per regio hebben wij geen openbare Nederlandse cijfers gevonden die uitsplitsen naar gemeente of postcode. Dat een auto in een laaggelegen straat bij een piekbui eerder water in het interieur krijgt dan een auto op een dijk, is aannemelijk, maar wij noemen daar geen percentage bij omdat er geen publieke bron voor is.

De parkeerplek: straat, oprit of garage

Binnen één postcodegebied kan het risico per woning nog fors verschillen. Een auto die ’s nachts in een afgesloten garage staat, is niet zichtbaar, niet bereikbaar en beschermd tegen hagel. Een auto op een eigen oprit staat op privéterrein, is zichtbaar vanuit de woning en heeft minder passanten langs zich. Een auto aan de openbare weg staat het meest blootgesteld: aan diefstal, aan inbraak, aan vandalisme, aan aanrijdingen bij het in- en uitparkeren van anderen, en aan het weer.

Verschillende verzekeraars vragen bij de aanvraag naar de stallingsplaats, doorgaans in de vorm van een keuze tussen openbare weg, eigen terrein of afgesloten ruimte. Of, en zo ja hoe zwaar, dat antwoord in het tarief meeweegt, verschilt per verzekeraar en staat in de acceptatierichtlijn, niet in de polisvoorwaarden. Wij hebben geen openbare bron gevonden die per verzekeraar laat zien wat de stallingsplaats in de premie doet, en noemen daarom geen percentages.

Wat wel vaststaat, is de andere kant van dezelfde vraag: uw antwoord op het aanvraagformulier is onderdeel van de mededelingsplicht. Geeft u op dat de auto in een garage staat terwijl hij structureel op straat staat, dan heeft u de verzekeraar onjuist geïnformeerd. Dat kan bij een diefstalschade gevolgen hebben voor de uitkering. Verandert uw situatie — u verkoopt de garage, u gaat de oprit anders gebruiken — geef dat dan door.

Hoeveel scheelt de postcode nu in euro’s?

Dit is de vraag die iedereen stelt, en het eerlijke antwoord begint met een beperking: geen enkele Nederlandse verzekeraar publiceert een premietabel per postcode of een kaart van zijn regio-indeling. Die gegevens zijn bedrijfsgevoelig. Er is dus geen openbare bron waarin staat wat postcode 1102 duurder is dan postcode 8431 bij verzekeraar X.

Er is één publieke bron die er dicht bij komt: de Solidariteitsmonitor van het Verbond van Verzekeraars, waarvan meting 8 in oktober 2025 verscheen. Het Verbond laat daarin door MoneyView premies doorrekenen voor grote aantallen fictieve klantprofielen, om te volgen of de premieverschillen tussen gunstige en ongunstige risico’s in de loop der jaren uit elkaar lopen. Voor de WA-dekking van personenauto’s gebeurt dat in drie bestanden, en juist de opzet van die bestanden maakt de monitor bruikbaar voor onze vraag.

In het adressenbestand houdt MoneyView de bestuurder en de auto namelijk constant en laat alleen het adres variëren: één bestuurder van veertig jaar met tien schadevrije jaren, één Opel Corsa 1.2 benzine, doorgerekend op 20.000 echte adressen bij 27 verzekeringen. Dat levert 540.000 premies op. In het persoonsbestand gebeurt het omgekeerde: daar variëren leeftijd, schadevrije jaren en auto, en liggen de gebruikte postcodes vast op drie adressen.

Bestand (WA-dekking)Wat varieertGemiddelde premie 2017Gemiddelde premie 2025Variatiecoëfficiënt 2025Hoogste ÷ laagste 2025
AdressenAlleen het adres (20.000 adressen, 27 verzekeringen)€ 259€ 3500,292,7
Regio/object18 profielen op 210 adressen€ 794€ 1.1670,9727,4
Personen252 persoons- en voertuigprofielen, 3 vaste postcodes€ 785€ 1.1940,8225,0
Bron: Verbond van Verzekeraars, Data Analytics Centre, Solidariteitsmonitor meting 8 (oktober 2025), bijlagen 1 en 4 en hoofdstuk 4; premiedata van MoneyView. Nominale gemiddelde jaarpremies. „Hoogste ÷ laagste” is de door het Verbond gerapporteerde maximin-verhouding.

De verhouding van 2,7 in het adressenbestand is het beste publieke antwoord op de vraag hoeveel de plek scheelt. Lees hem wel goed: in die 2,7 zit niet alleen het verschil tussen adressen, maar ook het verschil tussen de 27 doorgerekende verzekeringen. Het werkelijke effect van uitsluitend de postcode binnen één verzekeraar is dus kleiner dan 2,7. Tegelijk laat de vergelijking met het persoonsbestand — waar de hoogste premie 25,0 keer de laagste is — zien in welke orde van grootte de factoren tot elkaar staan. Leeftijd en schadeverleden bewegen de premie veel sterker dan het adres.

Nog een uitkomst uit dezelfde monitor is het vermelden waard. Het percentage gevallen waarin een verzekeraar het profiel afwees, daalde in het adressenbestand van 5 procent in 2017 naar 0 procent in 2025, en het maximum afwijzingspercentage van 12 naar 0. In deze steekproef werd dus geen enkel adres meer geweigerd voor een WA-dekking. Onverzekerbaarheid puur op grond van de woonplaats is voor de aansprakelijkheidsdekking van een personenauto in Nederland dus geen praktisch probleem.

Verschilt de regio-indeling per verzekeraar?

Ja, maar hoeveel is niet openbaar. Elke verzekeraar bouwt zijn tarief op eigen schadecijfers en op eigen keuzes over hoe fijnmazig hij het land indeelt. De ene maatschappij werkt met een beperkt aantal regioklassen, de andere rekent op viercijferig of zelfs zescijferig postcodeniveau. Er is geen publiek register en geen toezichthoudersrapport waarin die indelingen naast elkaar zijn gelegd, en wij hebben er ook geen wetenschappelijke publicatie over kunnen vinden.

Wat de Solidariteitsmonitor hierover wél zichtbaar maakt, is dat de spreiding tussen adressen niet klein is en over de jaren iets is toegenomen: de variatiecoëfficiënt van het adressenbestand steeg van 0,26 in 2017 naar 0,29 in 2025, en die toename is volgens het Verbond statistisch significant. In diezelfde monitor wordt bij andere verzekeringssoorten expliciet opgemerkt dat een deel van de afwijzingen voortkomt uit het postcodegebied waarin de klant woont, bijvoorbeeld bij regionaal georganiseerde verzekeraars.

Voor u betekent dat vooral één ding: u kunt niet uit uw postcode afleiden welke verzekeraar voor u gunstig is. Dezelfde straat kan bij de ene maatschappij in een dure klasse vallen en bij de andere in een gemiddelde. Dat is alleen te achterhalen door voor uw eigen adres, uw eigen auto en uw eigen schadeverleden premies naast elkaar te leggen.

Er bestaat geen landelijke regiokaart van verzekeraars. Er bestaan er evenveel als er verzekeraars zijn.

Wat u er zelf aan kunt doen

Aan uw postcode verandert u niets, en verhuizen om een premie is geen redelijk advies. Er zijn wel vier dingen die binnen uw bereik liggen.

  • Vergelijk op uw eigen adres. Omdat de regio-indeling per verzekeraar verschilt, is dit de enige factor die u met een half uur werk kunt beïnvloeden. Vraag daarbij ook naar de premie bij een andere dekkingsvorm, want het regio-effect zit vooral in casco.
  • Kijk kritisch naar de dekkingsvorm. Woont u in een gebied met veel inbraak in auto’s en heeft u een oudere auto, weeg dan de cascopremie af tegen de dagwaarde. Woont u juist rustig en heeft u een nieuwe auto, dan kan een ruimere dekking passender zijn dan u dacht.
  • Verbeter wat u wél kunt verbeteren aan de plek. Een afgesloten stalling, een oprit in plaats van de openbare weg, of een gecertificeerd beveiligingssysteem verandert het feitelijke risico. Vraag uw verzekeraar of adviseur vooraf of, en hoe, dat in uw tarief meetelt — dat verschilt per maatschappij.
  • Meld wijzigingen op tijd. Een verhuizing, een andere stallingsplaats of een ander gebruik van de auto hoort bij de verzekeraar bekend te zijn. Dat is niet alleen een verplichting, het kan ook in uw voordeel werken wanneer u naar een rustiger gebied verhuist.

Wat u niet moet doen, is de auto op het adres van een familielid in een goedkoper gebied zetten. Naast dat het fraude is, ontstaat er een tweede probleem: de regelmatige bestuurder wijkt dan af van wat de polis vermeldt, en dat is precies het punt waarop een verzekeraar bij een grote schade gaat kijken.

Is postcodedifferentiatie eerlijk?

Deze vraag heeft twee lagen: een verzekeringstechnische en een juridische.

Solidariteit en differentiatie

Een verzekering werkt doordat velen betalen en weinigen een uitkering krijgen. Dat heet kanssolidariteit: u weet vooraf niet wie het treft. Zodra een verzekeraar groepen met verschillende risico’s ook verschillende premies gaat vragen, verschuift dat naar risicosolidariteit binnen kleinere groepen. Doet hij dat niet, dan betalen mensen met een laag risico mee aan mensen met een hoog risico; die zullen op termijn weglopen naar een verzekeraar die hen wel een passende premie geeft. Doet hij het te fijnmazig, dan ontstaat het omgekeerde gevaar: groepen met een hoog risico kunnen de premie niet meer opbrengen.

Het Verbond van Verzekeraars houdt dat met de Solidariteitsmonitor in de gaten. De monitor is er precies op gebouwd om te zien of het theoretische risico werkelijkheid wordt dat consumenten door steeds verdere differentiatie onverzekerbaar worden. De uitkomsten voor de WA-dekking laten over 2017–2025 een gemengd beeld zien: de spreiding tussen premies is toegenomen en de premies zijn reëel gestegen, maar de verzekerbaarheid is verbeterd, want er wordt minder afgewezen.

Waar de juridische grens ligt

Verzekeraars mogen onderscheid maken, maar niet elk onderscheid is toegestaan. Het Verbond van Verzekeraars schreef daarover een handreiking voor zijn leden naar aanleiding van uitspraken van het College voor de Rechten van de Mens. Daarin staat een waarschuwing die precies over dit onderwerp gaat: „Een postcode is bijvoorbeeld geen neutraal gegeven: in bepaalde postcodes wonen veel mensen met een lage sociaal economische status of van een bepaalde etnische afkomst. Postcodebeleid moet daarom altijd goed beoordeeld worden langs de lijnen van gelijke behandelings- en anti-discriminatieregelgeving.”

In diezelfde handreiking beschrijft het Verbond een concrete zaak. Een aanbieder van overlijdensrisicoverzekeringen differentieerde de premie op postcode, omdat mensen uit postcodegebieden met een gemiddeld lager inkomen korter leven. Omdat mensen van niet-westerse afkomst oververtegenwoordigd zijn in die gebieden, was er sprake van indirect onderscheid op grond van ras. Het College oordeelde dat dit in dit geval toch was toegestaan, omdat er een objectieve rechtvaardiging bestond. Daarvoor gelden drie eisen: het doel moet legitiem zijn, het middel moet passend zijn om dat doel te bereiken, en het middel moet noodzakelijk zijn, dus proportioneel en zonder even goed alternatief.

Vertaald naar de autoverzekering betekent dit dat een verzekeraar zich niet kan verschuilen achter „het komt uit het model”. Hij moet kunnen laten zien dat er werkelijk een verband is tussen het gebied en de schadelast, dat de premieverschillen in redelijke verhouding staan tot die schadelast, en dat er geen minder ingrijpend alternatief is dat even goed werkt. Bij voertuigcriminaliteit en hagel is dat verband met openbare cijfers goed te onderbouwen; dat is een wezenlijk verschil met kenmerken die slechts toevallig met een postcode samenhangen.

Het Verbond legt in dezelfde handreiking ook een bal buiten de branche: als er in een wijk veel wordt ingebroken, is het volgens het Verbond niet zo dat verzekeraars dat maar moeten blijven betalen — de overheid heeft een verantwoordelijkheid voor orde en veiligheid en zou dan meer werk moeten maken van preventie en repressie. Daarmee is de kern van de eerlijkheidsvraag scherp: een premieverschil is een spiegel van een verschil in de werkelijkheid. De premie corrigeren zonder die werkelijkheid te veranderen, verplaatst de rekening alleen maar.

Verbond van Verzekeraars, „Balanceren tussen solidariteit en differentiatie”, handreiking over discriminatie en verzekeren (kenmerk 2017-00051381/MBLOM).

Wat u niet in openbare bronnen vindt

Bij een onderwerp waarover veel wordt beweerd, is het goed om ook op te schrijven wat niet vaststaat. Over de volgende punten hebben wij geen publieke, controleerbare bron gevonden, en wij noemen er daarom geen getallen bij.

  • Premiebedragen of premieopslagen per postcodegebied bij individuele verzekeraars. Deze zijn niet openbaar.
  • De regio-indelingen van verzekeraars en de vraag hoeveel klassen zij hanteren.
  • De schadefrequentie en gemiddelde schadelast van autoverzekeringen per gemeente of postcode.
  • Het effect van de stallingsplaats (straat, oprit, garage) op de premie, uitgedrukt in een percentage.
  • Een landelijke uitsplitsing van de plek waar gestolen auto’s stonden op het moment van de diefstal.
  • Regionale verschillen in herstel- en sleepkosten na een schade.

Dat betekent niet dat die verschillen er niet zijn. Het betekent dat u er niet op kunt rekenen dat een getal dat u ergens leest over deze punten, ergens op gebaseerd is. Wilt u weten wat het voor u betekent, dan is er maar één betrouwbare weg: uw eigen adres, uw eigen auto en uw eigen gegevens laten doorrekenen. Bekijk bij onze externe partner het aanbod van verschillende verzekeraars.

Belangrijkste conclusies

  1. Verzekeraars differentiëren op postcode omdat schadekansen aantoonbaar per gebied verschillen, niet omdat het adres zelf iets zegt over de bestuurder.
  2. Het scherpste regionale verschil zit in voertuigcriminaliteit: diefstal van, diefstal uit en vernieling aan de auto.
  3. In zeer sterk stedelijke gemeenten lag het aantal geregistreerde diefstallen uit of vanaf motorvoertuigen in 2025 bijna acht keer zo hoog per inwoner als in niet-stedelijke gemeenten.
  4. Ook het weer is regionaal: de kans op hagelschade is in Limburg ruim vijf keer zo groot als in Friesland.
  5. Premiebedragen per postcode zijn niet openbaar; in de enige publieke bron, de Solidariteitsmonitor van het Verbond van Verzekeraars, is de spreiding tussen adressen (2,7 keer) veel kleiner dan die tussen persoonsprofielen (25,0 keer).
  6. De regio-indeling verschilt per verzekeraar en is niet openbaar; vergelijken is de enige manier om dat verschil te zien.
  7. Een verhuizing is een wijziging die u moet doorgeven; een onjuist adres opgeven raakt de dekking en is fraude.
  8. Postcodedifferentiatie is niet zonder meer verboden, maar moet volgens het Verbond altijd worden getoetst aan gelijkebehandelingsregelgeving.
Veelgestelde vragen

Vragen over dit onderwerp

Omdat het gebied waarin uw auto staat aantoonbaar samenhangt met de kans op schade. Diefstal, inbraak in de auto en vernieling zijn sterk aan een plek gebonden, en ook verkeersdrukte en de kans op zware hagel verschillen per regio. De verzekeraar gebruikt uw postcode om uw auto in te delen in een groep waarvan hij de schadegeschiedenis kent. Het adres zegt niets over u als bestuurder; het zegt iets over wat er in uw omgeving gebeurt.
Een exact bedrag is niet openbaar, want verzekeraars publiceren geen premietabellen per postcode. Wel liet het Verbond van Verzekeraars in de Solidariteitsmonitor 2025 dezelfde bestuurder met dezelfde auto doorrekenen op 20.000 adressen bij 27 verzekeringen. De hoogste premie in dat bestand was 2,7 keer de laagste, waarbij ook het verschil tussen verzekeraars in dat getal zit. Het zuivere postcode-effect binnen één verzekeraar is dus kleiner dan die factor 2,7.
Bij beide, maar op een andere manier. Bij WA gaat het om de kans dat u schade aan een ander toebrengt, wat samenhangt met verkeersdrukte en het aantal manoeuvres per rit. Bij casco gaat het bovendien om diefstal, inbraak, vernieling en hagel, en juist daar zijn de regionale verschillen het grootst. In cijfers: het aantal diefstallen uit of vanaf motorvoertuigen per inwoner lag in 2025 in zeer sterk stedelijke gemeenten bijna acht keer zo hoog als in niet-stedelijke gemeenten.
Gerekend per inwoner registreerde de politie in 2025 de meeste diefstallen van motorvoertuigen in Limburg: 1,07 per 1.000 inwoners, tegen een landelijk gemiddelde van 0,48 en 0,10 in Fryslân. In absolute aantallen staat Zuid-Holland bovenaan met 2.239 gevallen, gevolgd door Noord-Holland met 1.867. Op gemeenteniveau springen Heerlen, Kerkrade en Sittard-Geleen eruit. Dit zijn geregistreerde misdrijven en dus niet per definitie alle diefstallen.
Ja. Het adres waarop de auto staat is onderdeel van de gegevens waarop de verzekeraar zijn premie en acceptatie baseert. Een adreswijziging valt daarom onder uw verplichting om wijzigingen te melden. De premie kan daarna omhoog of omlaag gaan. Meldt u het niet en blijkt bij een schade dat het geregistreerde adres niet klopte, dan kan de verzekeraar zich daarop beroepen. Geef de wijziging bij voorkeur schriftelijk of via uw adviseur door.
Nee. Een adres opgeven waar de auto niet werkelijk staat, is het bewust onjuist informeren van de verzekeraar en wordt aangemerkt als verzekeringsfraude. De gevolgen gaan verder dan een premieverschil: de verzekeraar kan de uitkering weigeren, de polis beëindigen en de registratie doorgeven, waardoor u bij andere maatschappijen moeilijker verzekerbaar wordt. Daarnaast wijkt de regelmatige bestuurder dan vaak af van wat de polis vermeldt, wat bij een grote schade als eerste wordt gecontroleerd.
Nee. Elke verzekeraar bepaalt zelf hoe fijnmazig hij het land indeelt en op welke eigen schadecijfers hij dat baseert. De ene werkt met een beperkt aantal regioklassen, de andere rekent op viercijferig postcodeniveau. Er is geen openbaar register waarin die indelingen te vergelijken zijn. Daardoor kan dezelfde straat bij de ene maatschappij in een dure klasse vallen en bij de andere in een gemiddelde — wat het vergelijken van premies op uw eigen adres extra zinvol maakt.
Verschillende verzekeraars vragen bij de aanvraag naar de stallingsplaats, meestal als keuze tussen openbare weg, eigen terrein en afgesloten ruimte. Of dat in het tarief meeweegt en hoe zwaar, verschilt per verzekeraar en staat in de acceptatierichtlijn, niet in de polisvoorwaarden. Wij hebben geen openbare bron gevonden die dat effect in een percentage uitdrukt en noemen er daarom geen. Vraag het vooraf na bij uw verzekeraar of adviseur, en geef een wijziging in de stalling altijd door.
Omdat de kans op zware hagel sterk verschilt per landsdeel. Uit onderzoek naar hagelrisico’s dat het Verbond van Verzekeraars in 2020 presenteerde, blijkt dat de kans op hagelschade in Limburg ruim zestien procent is en in Friesland ongeveer drie procent, met een gradiënt van laag in het noordwesten naar hoog in het zuidoosten. Één hagelbui kan bovendien in één dag enorme schade opleveren: op 23 juni 2016 leidde dat tot honderdduizend schademeldingen en zeshonderd miljoen euro verzekerde schade.
Niet automatisch, maar het vraagt wel toetsing. Het Verbond van Verzekeraars schrijft dat een postcode geen neutraal gegeven is en dat postcodebeleid altijd langs de gelijkebehandelings- en anti-discriminatieregelgeving moet worden gelegd. In een zaak over premiedifferentiatie op postcode bij een overlijdensrisicoverzekering oordeelde het College voor de Rechten van de Mens dat er weliswaar indirect onderscheid was, maar dat dit objectief gerechtvaardigd was: het doel was legitiem en het middel passend en noodzakelijk.
Voor de aansprakelijkheidsdekking van een personenauto is dat volgens de openbare cijfers geen praktisch probleem. In de Solidariteitsmonitor 2025 daalde het percentage afwijzingen in het adressenbestand van 5 procent in 2017 naar 0 procent in 2025, en het maximum afwijzingspercentage van 12 naar 0. Bij andere verzekeringssoorten, zoals inboedel en opstal, komen afwijzingen op basis van postcode wél voor, bijvoorbeeld bij regionaal georganiseerde verzekeraars.
Omdat ze iets anders tellen. De politie registreerde in 2025 8.598 diefstallen van motorvoertuigen; dat betreft alle motorvoertuigen en alle registraties. Het Verbond van Verzekeraars meldde over hetzelfde jaar 7.497 gestolen personenvoertuigen, plus 2.055 lichte bedrijfsauto’s en 1.866 motorfietsen, gerekend vanuit verzekerde voertuigen en schadelast. Gebruik de reeksen daarom niet door elkaar en vergelijk alleen binnen dezelfde bron.
Dat kan, maar het is niet gegarandeerd. De regiofactor is er één van meerdere; leeftijd, schadevrije jaren, het voertuig en de gekozen dekking wegen doorgaans zwaarder. In de Solidariteitsmonitor 2025 was de spreiding tussen persoonsprofielen 25,0 keer, tegen 2,7 keer tussen adressen. Geef de verhuizing hoe dan ook door: de verzekeraar past het tarief dan aan, in welke richting dan ook, en uw dekking blijft in orde.
Van de gestolen personenvoertuigen en lichte bedrijfsauto’s wordt volgens het Verbond van Verzekeraars ongeveer 55 procent teruggevonden. In 2025 werden 913 voertuigen in het buitenland aangetroffen. Dat percentage is voor uw premie relevant, omdat een gebied met veel diefstallen waarbij voertuigen terugkomen een andere schadelast oplevert dan een gebied waar voertuigen definitief verdwijnen. De totale schadelast van diefstal van personenvoertuigen kwam in 2025 uit op 127 miljoen euro.

Bronnen

Alle cijfers en juridische uitspraken in dit onderzoek zijn te herleiden tot de publicaties hieronder.

  1. Politie / CBS StatLine, Geregistreerde misdrijven en aangiften; soort misdrijf, gemeente (tabel 47013NED), jaarcijfers 2025 (2026)dataderden.cbs.nl/statline/#/POL/nl/dataset/47013NED/table geraadpleegd 2026-07-26
  2. CBS StatLine, Regionale kerncijfers Nederland (tabel 70072ned), bevolking op 1 januari 2025 (2026)opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/70072ned/table geraadpleegd 2026-07-26
  3. CBS StatLine, Gebieden in Nederland 2025 (tabel 86059NED), stedelijkheid en omgevingsadressendichtheid (2025)opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/86059NED/table geraadpleegd 2026-07-26
  4. CBS StatLine, Motorvoertuigenpark actief; inwoners, type, regio, 1 januari (tabel 85235NED) (2026)opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/85235NED/table geraadpleegd 2026-07-26
  5. Verbond van Verzekeraars, Solidariteitsmonitor, meting 8 (Data Analytics Centre, A.R. Hoen en J.A. Schaffers) (2025)www.verzekeraars.nl/media/544ahkpm/solidariteitsmonitor-2025 geraadpleegd 2026-07-26
  6. Verbond van Verzekeraars, Voertuigdiefstal toegenomen in 2025 (2026)www.verzekeraars.nl/publicaties/actueel/voertuigdiefstal-toe geraadpleegd 2026-07-26
  7. Verbond van Verzekeraars, Balanceren tussen solidariteit en differentiatie — handreiking over discriminatie en verzekeren (2017)www.verzekeraars.nl/media/11441/balanceren-tussen-solidarite geraadpleegd 2026-07-26
  8. Verbond van Verzekeraars, Hagelschade en klimaatverandering (1), over het onderzoek Hagelrisico’s in Nederland (2020)www.verzekeraars.nl/publicaties/actueel/hagelschade-en-klima geraadpleegd 2026-07-26
  9. Stichting VbV, Zicht op Voertuigcriminaliteit 2025 (jaarrapportage) (2026)stichtingvbv.nl/publicaties/zicht-op-voertuigcriminaliteit-2 geraadpleegd 2026-07-26
  10. Verbond van Verzekeraars, Solidariteitsmonitor 2025 (toelichtend bericht) (2025)www.verzekeraars.nl/publicaties/actueel/solidariteitsmonitor geraadpleegd 2026-07-26

Verder in dit kenniscluster

Zelf de premies bekijken?

Vergelijk vrijblijvend wat de verzekeraars voor uw situatie rekenen.

Naar de autoverzekering